Winkeldiefstal in Nederland: wat het onderzoek zegt, en wat beveiliging er concreet tegen doet

Elke maand wordt er in vrijwel elke winkel in Nederland ten minste één diefstal gepleegd. Dat klinkt misschien als een overdrijving, maar het is de uitkomst van een recent grootschalig onderzoek. Het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC) liet in 2026 onderzoek uitvoeren door Ipsos I&O en Bureau Beke naar de aard, omvang en werkwijzen van winkeldiefstal in de Nederlandse detailhandel. Het rapport heet “Buiten beeld”, en die titel is veelzeggend. Want het overgrote deel van wat er in winkels gestolen wordt, bereikt nooit de politieregistratie. De bevindingen in dit artikel zijn gebaseerd op dat onderzoek.

Het echte getal staat nergens in de statistieken

In 2024 registreerde de politie bijna 39.000 winkeldiefstallen in Nederland. Dat lijkt veel. Totdat je leest wat de onderzoekers schatten als het werkelijke aantal: tussen de 647.000 en 1.019.000 waargenomen winkeldiefstallen in datzelfde jaar. Het meest plausibele scenario uit de ondernemersenquête komt uit op 833.000. Dat is omgerekend gemiddeld bijna één waargenomen winkeldiefstal per vestiging per maand, in de hele Nederlandse detailhandel.

Het verschil tussen de geregistreerde en de werkelijke omvang heet het “dark number”, en het is enorm. Ondernemers doen in de meeste gevallen geen aangifte. De meest genoemde redenen: het kost te veel tijd, en het heeft toch geen zin. Iets meer dan een derde van de ondernemers doet dit wel eens. De rest laat het zitten.

Schade die verder gaat dan de gemiste omzet

De directe schade door waargenomen winkeldiefstallen wordt geschat op 39 tot 60 miljoen euro per jaar. Dat is de directe klap: verlies aan omzet en productschade. Maar de indirecte schade is minstens zo relevant. Verstoord voorraadbeheer kost de sector naar schatting 114 tot 157 miljoen euro per jaar. Daar komt nog bij dat elke ondernemer gemiddeld 3 tot 4 werkdagen per jaar kwijt is aan de afhandeling van winkeldiefstallen. Samen gaat het om circa 0,2 procent van de netto-omzet in de detailhandel. In een sector met krappe marges en toenemende concurrentie van online winkels is dat geen verwaarloosbaar percentage.

Drie typen daders, drie verschillende aanpakken

Het onderzoek maakt onderscheid tussen drie dadercategorieën, en dat onderscheid is niet alleen academisch. Het bepaalt namelijk welke maatregelen kans van slagen hebben.

De gelegenheidsdief is het meest voorkomende type. Iemand die niet met een plan naar de winkel komt, maar steelt omdat de gelegenheid zich voordoet. Een product dat onbeheerd in een schap ligt, een drukke kassa waar niemand op let wat er in de tas verdwijnt. Dit type reageert sterk op de pakkans: als iemand hem aankijkt, aanspreekt of gewoon groet, is de kans op diefstal al kleiner.

De meervoudige winkeldief steelt op regelmatige basis, zonder dat er sprake is van een doorwrochte strategie. Geen professionele hulpmiddelen, geen netwerk voor heling. Maar wel herhaling, en daarmee verantwoordelijkheid voor een substantieel deel van de totale diefstallen.

De professionele winkeldief werkt planmatig. Vaak in georganiseerd verband, gericht op producten met een goede doorverkoopwaarde. Denk aan mobiele bendes die stelselmatig winkels bezoeken. Deze groep veroorzaakt per incident hogere schade en past zijn werkwijze aan zodra een winkel nieuwe maatregelen treft. De onderzoekers noemen dit treffend een “kat-en-muisspel”.

Hoe dieven te werk gaan

De werkwijzen zijn gevarieerd, maar er zijn duidelijke patronen. De meest gebruikte methode is simpelweg het verstoppen van producten in een tas, zak, winkelkar of winkelmand. Simpel, effectief en in de meeste gevallen zonder hulpmiddelen. Professionele dieven gebruiken wél hulpmiddelen: geprepareerde tassen, middelen om beveiligingslabels te verwijderen.

Een tweede categorie draait om het misleiden van winkelpersoneel. Oude kassabonnen worden ingezet om nieuwe producten mee te kunnen nemen. Als een medewerker reageert, wordt de bon getoond als bewijs dat er betaald is.

De introductie van de zelfscankassa heeft nieuwe werkwijzen gecreëerd. Winkeldieven kiezen bewust voor producten zonder streepjescode, scannen producten verkeerd of wegen ze fout af. Werkwijzen zijn niet statisch: daders passen zich aan zodra de omgeving verandert. Dat is een belangrijk gegeven voor iedereen die nadenkt over preventie.

Een groeiend bijeffect is agressie en geweld. Niet als werkwijze op zichzelf, maar als reactie wanneer een dief betrapt wordt. Betrokkenen verbinden de toename hiervan aan een bredere normvervaging in de samenleving, die met name zichtbaar is geworden na de coronacrisis.

Waarom preventie begint bij aanwezig zijn

Wat werkt het best? De uitkomst is opmerkelijk nuchter: klanten begroeten en aanspreken. Niet als beveiligingstechniek, maar als menselijk contact dat anonimiteit wegneemt. Zowel experts als ondernemers noemen dit de meest effectieve preventieve maatregel. Wie niet anoniem is, pleegt minder snel een opportunistische diefstal.

Camerabewaking is wijd verbreid en heeft zeker waarde, maar is geen vervanging voor menselijke aanwezigheid en alertheid. Andere veelgebruikte maatregelen zijn beveiligingsspiegels, productbeveiliging via tags en steekproefsgewijze controles bij de zelfscankassa.

Wat het onderzoek ook nadrukkelijk aangeeft: er bestaat geen universele oplossing. De effectiviteit van een maatregel hangt af van het type winkel, het type dader en de context op locatie.

De rol van de beveiliger op de werkvloer

Beveiligers in de winkel zijn niet alleen een afschrikmiddel. Een beveiliger die zijn vak verstaat, leest de situatie. Hij ziet wie er binnenkomt, merkt op wanneer gedrag afwijkt van het normale, en handelt voordat een situatie escaleert. Juist bij het opvangen van agressie of het correct aanhouden van een verdachte is vakmanschap onmisbaar. Foutieve procedures hebben juridische gevolgen, zowel voor de ondernemer als de beveiliger.

Het onderzoek wijst ook op de kwetsbaarheid die ontstaat door de krapte aan winkelpersoneel. Medewerkers zijn gemiddeld jonger en minder ervaren, waardoor het herkennen van diefstalpatronen moeilijker is en de drempel om iemand aan te spreken hoger ligt. Een beveiliger vult die lacune op, maar is ook niet onbeperkt schaalbaar. Combinaties van training, technologie en fysieke aanwezigheid leveren meer op dan elk van deze elementen apart.

Wat het onderzoek vraagt van de sector

De onderzoekers zijn helder over de verdeling van verantwoordelijkheid. Preventie is in de eerste plaats een taak van de retailsector zelf, met name gericht op de gelegenheidsdief. Voor de professionele winkeldief is een stevigere aanpak nodig, inclusief een actieve rol van politie en Openbaar Ministerie. Voor de meervoudige dief is een gecombineerde aanpak van beide kanten het meest realistisch.

Vijf kansrijke maatregelen komen uit het rapport naar voren: bredere training voor winkelmedewerkers, innovatieve technologieën zoals slimme winkelwagens, een meer centraal georganiseerd aangifteproces, een publiekscampagne over de gevolgen van winkeldiefstal en centrale registratie van winkelontzeggingen. Niet alle maatregelen zijn even haalbaar voor elke ondernemer. Training en het actief aanspreken van klanten zijn laagdrempelig. Innovatieve technologie vraagt investeringscapaciteit die kleinere zelfstandigen doorgaans niet hebben.

De praktijk vraagt om een aanpak op maat

More2Safety werkt dagelijks in de winkelomgeving en ziet de uitdagingen die dit onderzoek beschrijft uit de eerste hand. Niet elke winkel heeft dezelfde risico’s, niet elke dief dezelfde werkwijze. Een goede beveiligingsaanpak begint daarom niet met een standaardpakket, maar met een goed beeld van de situatie op locatie: wie komen er, wat ligt er, hoe is de winkel ingedeeld en welk type diefstal speelt er?

Dat gesprek voeren wij graag. Niet met een verkooppraatje, maar met de kennis die nodig is om de juiste keuzes te maken.

Bron

Ipsos I&O & Bureau Beke (2026). Buiten beeld: De aard, omvang en modi operandi van winkeldiefstal en de weerbaarheid van de Nederlandse detailhandel. Uitgevoerd in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC). Te raadplegen via: wodc.nl

Team More2Safety Group